Gezondheidszorg
ZiekenhuisnetwerkenGepersonaliseerde zorgHealthcare Excellence

Werkdruk, kwaliteit van zorg en efficiëntie in woonzorgcentra

Woonzorgcentra zullen het in de toekomst even goed (of zelfs beter) moeten doen met minder middelen. Ze moeten met andere woorden performanter werken.
Melissa Desmedt

Enkele weken terug is mijn grootmoeder verhuisd naar een woonzorgcentrum. Met pijn in het hart, dat wel. Maar de zorgvraag oversteeg nu eenmaal de draagkracht van mantel- en thuiszorg. Dan is een woonzorgcentrum vaak de enige en beste oplossing. Maar de Vlaamse woonzorgcentra staan voor grote uitdagingen. Een meer efficiënte en effectieve manier van werken, zonder aan kwaliteit van zorg in te boeten, dringt zich dan ook op.

Uitdagingen voor woonzorgcentra

We kunnen er niet meer omheen dat steeds meer mensen ouder worden en we moeten ons dan ook voorbereiden op de onvermijdelijke vergrijzing. Binnen deze grote maatschappelijke verandering staan woonzorgcentra mee in het middelpunt. De laatste maanden kwamen de woonzorgcentra echter verschillende keren expliciet en in alle scherpte aan bod in de media: de toenemende zorgverzwaring in de residentiële ouderenzorg, gebrekkige kwaliteit van zorg in commerciële woonzorgcentra, toenemende dagprijzen, alarmerende cijfers over het antidepressivum- en antipsychoticagebruik bij bewoners, gebrek aan zinvolle daginvulling voor de ouderen en weinig persoonlijke relaties met het verzorgend personeel.

Een hoge werkdruk

Woonzorgcentra in Vlaanderen staan voor grote uitdagingen. Zo kreunt het personeel onder de hoge werkdruk. Zorgprofessionals lopen de benen van onder het lijf en lopen meer en meer het risico op burn-out en depressie. Het probleem wordt bevestigd door cijfers uit een bevraging van het Algemeen Christelijk Vakverbond. Ongeveer 47% van de mensen die de enquête invulden, gaven aan dagelijks onvoldoende tijd te hebben om bewoners de zorg te geven die ze eigenlijk nodig hebben. Ook al hebben de openbare woonzorgcentra meer personeel in dienst dan de overheidsnorm voorschrijft. Volgens het Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin blijkt een tekort van 1,28 VTE gefinancieerd zorgpersoneel per 30 woongelegenheden. Meer zorgende handen voor de toenemende zorgzwaarte is dan ook een belangrijk actiepunt. In een recente studie bij zes Vlaamse woonzorgcentra waarin de cultuur rond veilige zorg onder zorgprofessionals werd gemeten, bleek eveneens dat de bestaffing onvoldoende is en een belangrijke bron is van de hoge werkdruk, hetgeen dan weer een negatieve impact kan hebben op de kwaliteit van zorg, evenals een hoog personeelsverloop.

Onderfinanciering van de sector

De hoge werkdruk hangt onlosmakelijk vast aan de onderfinanciering van de woonzorgcentra, waardoor de financiële leefbaarheid van deze zorgorganisaties onder hoge druk komt te staan. De onderfinanciering wordt bovendien doorgerekend naar de bewoner via de dagprijzen. Uit de Rusthuisbarometer van de Socialistische Mutualiteiten blijkt dat een rusthuisbewoner in Vlaanderen gemiddeld 1.595 euro per maand betaalt, hetgeen aanzienlijk hoger ligt dan het gemiddelde pensioen van 1.250 euro. Woonzorgcentra moeten dus even goed doen (of zelfs beter) met minder middelen. Ze moeten met andere woorden performanter werken en een goed financieel management bewaken.

Andere manier van werken

Om de betaalbaarheid van (onder meer) de ouderenzorg te garanderen, moeten we op een andere manier gaan werken. Samenwerken. En dit op vier niveaus.

  1. Ten eerste tussen verschillende zorgcontexten (ziekenhuizen, woonzorgcentra, thuiszorg, welzijnssector, …) om een naadloze overgang van zorg te ondersteunen; oftewel transmurale zorg.
  2. Daarnaast is er de netwerking tussen zorginstellingen onderling om op zoek te gaan naar synergieën en schaalvoordelen, maar waarbij een duidelijke strategische richting, purpose en samenwerkingsverbanden onmisbaar zijn.
  3. Ten derde is er de samenwerking tussen en mét de zorgprofessionals om een participatieve en transparante cultuur te ontwikkelen waarin medewerkers worden betrokken en aangemoedigd bij verandertrajecten om zo het zorgproces te optimaliseren en de draagkracht te verbreden.
  4. Tot slot is er de samenwerking met de hulpbehoevende en zijn/haar omgeving. Want het belang van patiëntenparticipatie neemt alsmaar toe en resulteert onder meer in een versterking van de therapietrouw.

Deze verschillende samenwerkingen; van zorginstellingen en zorgprofessionals én met de ervaringsdeskundigheid van hulpbehoevenden; maakt alles tot één geheel. Een zo passend mogelijk en kwaliteitsvol antwoord op de individuele zorgnoden van onze ouderen. Met andere woorden: een integraal en domeinoverschrijdend zorgmodel. Maar een andere manier van werken vraagt verandering. En binnen de zorgsector zijn veranderingen ingrijpend en voor iedereen voelbaar. Verandering en innovatie stoot nu eenmaal op weerstand. Daarom is het belangrijk om een duurzaam draagvlak te creëren waarbij een duidelijke purpose, effectief leiderschap en de betrokkenheid van medewerkers essentieel zijn.

Bedankt voor het lezen

Contacteer onze expert

Melissa Desmedt

Delen blog